Toetsregeling
Onderbouw (klas 1 t/m 3)
Voor de onderbouw geldt de volgende regeling:
De behandelde stof kan worden getoetst d.m.v. toetsen met gewicht van 1,2 en 4:
- toetsen met gewicht van 1: deze gaan over de stof van één les en behoeven geen aankondiging vooraf
- toetsen met een gewicht van 2: deze gaan over de stof van een beperkt aantal lesuren en moeten wel van te voren aangekondigd worden. Op een dag mogen niet meer dan twee toetsen met een gewicht van 2 gegeven worden.
- toetsen met een gewicht van 4: deze toetsen dienen, minstens een week van te voren aan de betreffende klas worden medegedeeld. Op een dag mag niet meer dan één toets met een gewicht van 4 gegeven worden.
Op één dag mogen niet meer dan 6 voorbereide toetseenheden en niet meer dan 2 voorbereide toetsen worden afgenomen. Daarboven kan de leerling nog één 4-toets worden opgegeven waarvoor geen voorbereiding nodig is.
De volgende methode wordt toegepast ter bepaling van de rapportcijfers:
Alle rapportcijfers worden berekend volgens het gewogen jaargemiddelde (=voortschrijdend gemiddelde) en moeten een zo hoog mogelijke voorspellende waarde hebben voor het volgend schooljaar.
Bij het berekenen van het voortschrijdend gemiddelde tellen alle toetsen van het jaar mee met hun eigen gewicht.
Voor het maximum aantal toetseenheden per trimester geldt het volgende schema
|
|
1e trimester
|
2e en 3e trimester
|
|
1- uurs vak
|
gewenst : 6 eenheden
maximum : 8 eenheden
|
maximum: 10 eenheden
|
|
2-uurs vak
|
gewenst : 8 eenheden
maximum : 10 eenheden
|
maximum: 12 eenheden
|
|
3-uurs vak
|
gewenst : 10 eenheden
maximaal : 12 eenheden
|
maximum: 14 eenheden
|
|
4/5- uurs vak
|
gewenst : 10 eenheden
maximaal : 14 eenheden
|
maximum: 16 eenheden
|
Voor het minimum aantal toetseenheden per schooljaar gelden de volgende afspraken:
1-uurs vak : minimaal 16 toetseenheden
2-uurs vak : minimaal 22 toetseenheden
3-uurs vak : minimaal 28 toetseenheden
4/5-uurs vak: minimaal 34 toetseenheden
Het maximum aantal toetseenheden wordt bepaald door het maximum per trimester.
In de onderbouw mag het rapportcijfer niet alleen op 4-toetsen gebaseerd zijn. (aanbeveling dit ook voor de bovenbouw te laten gelden)
aanbevolen wordt bij 1- of 2-uurs vakken, bij een zware onvoldoende voor een 4-toets een (individuele) herkansing te bieden
Brugklas havo
In deze klas wordt het schooljaar 2012-2013 anders getoetst in vergelijk met de andere brugklassen. De leerlingen krijgen vier keer in het jaar voor ieder vak een toets. Deze toetsen vinden plaats tijdens een toetsweek, na een periode van ongeveer acht lesweken. Tussentijds maken de leerlingen één of meer diagnostische toetsen om precies te weten wat ze kunnen, wat ze nog moeten leren en welke vaardigheden aanwezig zijn of nog ontbreken. Voor deze toetsen krijgen de leerlingen geen cijfers die meetellen voor het rapportcijfer. Naast de toetsen leveren leerlingen handelingsdelen in. Ook voor deze handelingsdelen krijgen de leerlingen geen cijfers; wel kunnen deze bepalend zijn of een leerling een toets mag maken.
Als leerlingen voldoende gewerkt hebben en aan toetsanalyse hebben gedaan, hebben zij soms de mogelijkheid om een onvoldoende gemaakte toets te herkansen.
Het gewenste en maximaal aantal toetseenheden is hiermee voor dit schooljaar voor de havo-brugklas niet van toepassing